© 2011 Dorpsbelang Langedijk  DISCLAIMER

Uw dorp, ons dorp, en de mens centraal

19-12-2009

 

ChristenUnie: waarheid of bezijden de waarheid.

 

Op de publicatie “Inspraak of schijninspraak” van Dorpsbelang Langedijk reageert ChristenUnie (CU) op haar website met het artikel “ChristenUnie helpt nieuwe partij aan de waarheid

Al eeuwen struikelt de mens over de vraag ‘wat is waarheid’. Zelfs aan de vraag zitten twee kanten! Dorpsbelang Langedijk heeft het in haar publicatie ‘Inspraak of schijninspraak’ niet over absolute waarheden maar doelt op interpretaties en de daaraan verbonden conclusies.

Er dient meer zeggenschap, participatie en inspraak te komen volgens het coalitieakkoord 2006-2010. In die context zijn de bevindingen van het recente rapport over Dorpsgericht Samenwerken in de publicatie van Dorpsbelang Langedijk aan de orde gesteld en becommentarieerd.

 

Toepassen en controleren

De CU stelt dat Dorpsbelang Langedijk voor het gemak voorbij gaat aan het gegeven dat burgers betrokken zijn geweest bij diverse voorstellen en dat op initiatief van de CU een ‘regeling klankbordgroepen’ is ingesteld. Dorpsbelang Langedijk ontkent dat niet in haar publicatie. Natuurlijk zijn er zaken gegaan zoals dat al jaren ging. Burgers hadden ook toen het recht van inspreken bij commissievergaderingen en ook klankbordgroepen zijn er niet pas de laatste 4 jaar. Nieuwe, en vooral goede, regels opstellen voor klankbordgroepen is zeker belangrijk. Maar de essentie van de publicatie is: hoe adequaat reageert de politiek op het disfunctioneren van de gemeente met Dorpsgericht Samenwerken. In het coalitieakkoord 2006-2010 staat heel duidelijk te lezen dat het Dorpsgericht Samenwerken regelmatig geëvalueerd moet worden. Ondanks vele signalen van disfunctioneren heeft de coalitie gemeend niet eerder te evalueren dan op het eind van hun raadsperiode.

 

Kennelijk is de CU de kritiek van de dorpsraad Broek op Langedijk (als lid van de klankbordgroep winkelcentrum Broekerveiling) vergeten bij de inspraak over de vaststelling van het masterplan. De dorpsraad verweet de gemeente slechts summier op de hoogte te zijn gesteld en dat de inspraak er alleen voor de vorm was. Ook had de dorpsraad kritiek op gemeenteraadsleden die onvoldoende de moeite namen om bij dorpsplatforms en de dorpsraad te rade te gaan alvorens een besluit te nemen over het masterplan.

 

Het commentaar van Dorpsbelang Langedijk in haar publicatie is dat je regels en programma’s niet alleen dient na te leven, maar dat ook moet controleren.

In het coalitieakkoord 2006-2010 staat ook heel duidelijk te lezen dat ons gemeentebestuur transparant en inzichtelijk moet zijn. Een bestuur waarvoor het normaal is dat alle openbare vergaderingen van commissies, klankbordgroepen etc. tijdig worden aangekondigd via pers en website onder gelijktijdige publicatie van de te behandelen onderwerpen alsmede de notulen van deze vergaderingen.

Maar welke coalitiepartij heeft zich hier nou hard voor gemaakt in de afgelopen drie en half jaar?

Stichting Burgerbelang Langedijk heeft het college en de gemeenteraad de laatste jaren regelmatig geattendeerd op onvolkomenheden en het hoegenaamd niet openbaar maken van de te behandelen onderwerpen voor de vergaderingen van de dorpsplatforms. Daardoor ontbrak deze raadsperiode voor de burgers voortdurend de transparantie en het inzichtelijke, terwijl dat in het coalitieakkoord zo uitdrukkelijk werd toegezegd.

 

Dat de CU de vraag stelt of de oppositie ook wat gedaan heeft aan meer zeggenschap, transparantie  en inspraak is niet van belang. Het was immers niet de oppositie die het coalitieakkoord opstelde waarin meer zeggenschap en inspraak wordt toegezegd!

 

 

Verwijtbaar gedrag

In het convenant met de dorpsplatforms staat: “zienswijzen en adviezen van bewoners betrekken bij de besluitvorming”.

De CU verwijt de heer Nijman bewust een onjuist beeld te schetsen. Ook wordt de heer Nijman verweten de drie woorden ‘van de gemeente’ aan een zin te plakken om zo een onjuist beeld te schetsen, waardoor een andere strekking aan het convenant wordt gegeven. Volgens de CU is het logisch dat de bewuste zin alleen maar aangeeft dat de dorpsplatforms zienswijzen en adviezen van bewoners bij hun eigen besluitvorming moeten betrekken.

Enerzijds verwijt de CU dat door die toevoeging de heer Nijman bewust een onjuist beeld schetst maar anderzijds vindt zij kennelijk dat haar eigen toevoegingen (eigen en moeten) de conclusie van logisch billijkt.

 

Dorpsbelang Langedijk vindt het verwijt van de CU onterecht en beslist niet overtuigend.

De bewuste  zin in het convenant slaat op de werkwijze  van de convenantpartners. Zowel de gemeente Langedijk, als de platforms zijn in dit geval partners. Zij richten zich op de resultaten van dorpsgericht samenwerken.

Naar de mening van Dorpsbelang Langedijk is het in onze gemeente nog altijd zo geregeld, dat bewoners zienswijzen en adviezen indienen en dat het college en/of gemeenteraad aan besluitvorming doen. Dorpsplatforms kunnen adviezen en zienswijzen van bewoners alleen gebruiken voor hun eigen advies of meningsvorm, maar besluitvorming behoort niet tot haar taken. Een dorpsplatform heeft ook geen bevoegdheid tot het nemen van besluiten aangaande planontwikkeling. In ieder geval wordt er in het convenant niet gesproken over het overdragen van beslissende bevoegdheid. Dorpsplatforms hebben geen democratische legitimatie en er is geen sprake van overdracht van bestuurlijke bevoegdheden. Genoeg argumenten om te mogen stellen dat, ten aanzien van de besluitvorming, de toevoeging van de woorden van de gemeente de bedoeling van de zin voor de lezer verduidelijkt zonder de strekking te veranderen.

 

Dorpsbelang Langedijk heeft bij haar afwegingen in feite precies dezelfde argumenten gebruikt, die ook zijn verwoord in het voorstel “voor herstel van de democratie op lokaal niveau” van februari 2006 van de fractie van de ChristenUnie in de Tweede Kamer.

 

Terechte opmerking

Terecht maakt de CU de opmerking dat de heer Nijman zich heeft verward met de inspraakverordening.  Maar in het licht van het voorgenoemde problematiek “besluitvorming” doet dat aan de inhoud niets af.

De CU geeft zelf aan dat het bewuste eindverslag altijd deel uitmaakt van de besluitvorming van de gemeenteraad daar waar de inspraakverordening van toepassing is.

Dat is nu juist het commentaar van Dorpsbelang Langedijk. Dus dat zienswijzen en adviezen onvoldoende worden meegewogen in de besluitvorming van de gemeenteraad en het college. Dat is ook de kritiek van de dorpsplatforms die genoemd wordt in het recente rapport over Dorpsgericht Samenwerken. Zij hebben het gevoel dat beleid al vaststaat en ervaren dat als schijninspraak.

Als voorbeeld kan de behandeling van het beleidsvoornemen Kerklaan 31-33 worden gekozen. Heeft de CU aan de hand van zienswijzen en adviezen haar standpunt bepaald?

Nee, er was immers helemaal geen inspraak op dit beleidsvoornemen toegepast. Iets dat volgens de Inspraakverordening Langedijk 1984 wel verplicht was. De CU heeft het college zelfs niet eens geattendeerd op deze omissie bij de behandeling van Kerklaan 31-33.

 

Onjuist informeren of niet begrijpen

Dorpsbelang Langedijk schreef in haar publicatie het volgende: “Hadden wij voordien nog te maken met een verordening waarin burgemeester en wethouders verplicht waren aan de burgers inspraak te verlenen betreffende de voorbereiding van beleidsvoornemens (de vroegste ‘ruimtelijke’ plannen). Met de nieuwe Inspraakverordening 2009 heeft de huidige coalitie die verplichting eruit gehaald”.

 

De CU suggereert dat de heer Nijman, ten aanzien van de veranderde inspraakverordening, opnieuw bewust onjuist informeert of echt niet begrijpt hoe het werkt.

Dat ‘opnieuw bewust onjuist informeren' wordt nergens in het CU artikel onderbouwd. Logisch want dat kan de CU ook niet. Of ik het niet begrijp, dat kan! Het kan best zijn dat aan de hand van de relevante feiten mijn conclusie niet juist is. Maar laat ik eerst eens de relevante feiten op een rijtje zetten.

 

Het gestelde in de publicatie van Dorpsbelang Langedijk is ontleend uit de inspraakverordening van 1984. Onder Artikel 2 staat o.a. vermeld: Burgemeester en wethouders verlenen in elk geval inspraak op beleidsvoornemens betreffende de voorbereiding of herziening van de ruimtelijke plannen…”.

Specifiek sprak Dorpsbelang Langedijk in haar publicatie over “beleidsvoornemens’ (Dat is het vormen van beleid op basis waarvan concrete besluiten kunnen worden gerealiseerd).

 

In 2009 is er een nieuwe inspraakverordening vastgesteld en daar staat o.a. het volgende in:

Artikel 2   Onderwerp van inspraak

Elk bestuursorgaan besluit ten aanzien van zijn eigen bevoegdheden of inspraak wordt verleend bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid.

Inspraak wordt altijd verleend indien de wet daartoe verplicht

Geen inspraak wordt verleend:

a. Ten aanzien van ondergeschikte herzieningen van een eerder vastgesteld beleidsvoornemen;

e. Indien de uitvoering van een beleidsvoornemen dermate spoedeisend is dat inspraak niet kan     worden afgewacht;

Artikel 4  Inspraakprocedure  

1.  Op inspraak is de procedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.

2.  Het bestuursorgaan kan voor één of meer beleidsvoornemens een andere inspraakprocedure    vaststellen.

 

Op de inspraak is de procedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. Maar dat is een procedure op de voorbereiding van besluiten indien dat bij wettelijke voorschrift of bij besluit van het bestuursorgaan is bepaald.

 

Artikel 4.2. van de inspraakverordening geeft het bestuursorgaan dus de ruimte om een andere procedure te volgen inzake beleidsvoornemens. Het bestuursorgaan is immers verantwoordelijk voor uitvoering, de nadere regeling en organisatie van inspraak.

 

In de nieuwe verordening kan elk bestuursorgaan zijn eigen beleidsvoornemens aan inspraak onderwerpen. Maar het is in ieder geval zo, dat de inspraak op beleidsvoornemens volledig ter competentie van de gemeenteraad is. De raad heeft besloten de expliciete  verplichting van inspraak op beleidsvoornemens niet meer op te nemen in de inspraakverordening van 2009. Voor het vervallen van die verplichting heeft de raad, ten opzichte van beleidsvoornemens, geen nieuwe regels vastgesteld.

 

Gezien voorgenoemde ben ik van mening dat er niets mis is met wat daarover in de publicatie van Dorpsbelang Langedijk stond.

 

Strijdig met de wet

CU vraagt zich af dat als bij het vaststellen van de inspraakverordening iets verwijtbaars is gebeurd er geen verzoek bij de Kroon is ingediend om het raadsbesluit te vernietigen.

 

Dorpsbelang Langedijk stelde in haar publicatie geenszins dat de inspraakverordening 2009 strijdig is met de wet. Daarom is het gestelde van de CU van een spontane vernietiging niet eens aan de orde. En al zou er wel een strijdig besluit genomen zijn dan werkt het niet eens zo. Immers een spontane vernietiging wordt als een ultimum remedium aangeduid. Met andere woorden, de openstaande wegen zullen in beginsel eerst moeten worden uitgeput alvorens tot vernietiging kan worden overgegaan.

 

Ten slotte

Dorpsbelang Langedijk hoopt dat de onderbouwing in reactie op het artikel van CU voldoende is om de gevoelens bij de CU weg te nemen, dat het artikel ‘inspraak of schijninspraak’ niet op willekeur was gebaseerd maar wel degelijk op feiten. Natuurlijk kan men zaken verkeerd interpreteren, maar om nu meteen te spreken van ‘bewust onjuist informeren’ en ‘niet de waarheid zeggen’ is wel heel belerend van de CU.  

 

Dorpsbelang Langedijk

Ger Nijman

 

Klik hier voor deel 2, het vervolg!